Musicmaker november 2004
CD resensie
De links naar andere bands op hun eigen site geven het al aan. Zonder Krang, Kift, Meindert Talma en Stuurbaard Bakkebaard geen Skarl. Voorwaarden daarvoor zijn als volgt. Zing in je eigen dialect in dit geval de Friese taal. Gebruik geen standaard instrumentarium, in dit geval potten en pannen, een amechtig traporgel naast blaasinstrumenten, piano, contrabas en gitaren. Speel op niet standaard plekken, Skarl speelde in het Fries Historisch en Letterkundig Centrum Tresoar in Leeuwarden. En maak theater, ‘Skilderij’ is tevens een theaterstuk. Ofwel, zoals de band het noemt: ‘Een expositie van muziek en beelden, klanken en kleuren’. De voorstelling gaat over het dagelijks leven: portretten van mensen, gevangen in gewoontes. Ondersteund door videoprojectie en geluidsdecor. Voor de liefhebber van dit genre een interessant gegeven dus. Wat ik mis in de muziek zijn de rauwheid en gekte die Krang juist zo boeiend maakt. Of de overtuiging en de melancholie van Kift. Het lijkt alsof de band zich nooit echt helemaal laat gaan en deze behoudendheid zorgt dat halverwege de plaat de aandacht verslapt, terwijl de band naar het einde toe de draad juist weer oppakt. De volhouder wint dus wel, maar het blijkt eens te meer dat de spanningsboog die nodig is voor zo’n ambitieus project, ook een kwestie van volhouden is voor Skarl. De band slaagt hierin al voor een groot deel en oefening baart kunst. Na het uit elkaar gaan van Krang is er wellicht weer wat ruimte voor vers bloed in dit genre.